Home Diashow's Reisboekenshop Brochure 2013Sitemap
DAGEN LOPEN ZWAARTE
43 32 5
VERTREK TERUG REISSOM
12 september 24 oktober € 6775,- **
** exclusief ticket
Tickets vanaf: € 1295,-
Boek deze reis »

Snel naar:


Reisboekenshop
boeken & kaarten:

Bekijk en bestel
- reisgidsen,
- kaarten en
- andere artikelen van Bhutan »

Vergelijkbare reizen:


Tell a friend

Vertel door »

Deze pagina afdrukken Bhutan | Snowman trek: Van dag tot dag

Een opmerking vooraf

Het gaat hier om een avontuurlijke reis. Er zijn diverse factoren die onderweg onze reisplannen kunnen beïnvloeden, hoe goed de reis ook is voorbereid. Onderstaande reisbeschrijving geeft de hoofdlijnen van de reis weer. De reisleiding kan zich genoodzaakt zien om tijdens de reis verschuivingen in het geplande programma aan te brengen. Hoewel het verblijf in Bhutan een prijzige aangelegenheid is, geeft dat geen garantie omtrent weersomstandigheden of andere zaken zoals aardverschuivingen of weggeslagen wegen of paden die de tocht mogelijk anders doen verlopen. Mocht het zo zijn dat je door vertraging van de Druk Air vlucht je een dag in Bhutan mist, dan wordt die dag vergoed.


dag 1 Amsterdam-Delhi
’s Morgens vertrek vanaf Schiphol, aankomst in Delhi ’s avonds. In principe overnachten we in een hotel op Delhi Airport tenzij de overstaptijd voor de vlucht naar Paro zo kort is, dat het de moeite niet waard is. Wanneer je laat boekt kan het zijn dat dit hotel vol zit. In dat geval moet je het je gemakkelijk maken in een lounge, een zgn. snooze-pod of in een gemakkelijke stoel bij de gate.

dag 2 Delhi vlucht naar Paro en transfer naar Thimpu
`s Ochtends checken we in voor de Druk Air vlucht naar Paro. Het laatste deel van de vlucht is bijzonder spectaculair. De hoge toppen van Oost Nepal glijden, als het tenminste niet teveel bewolkt is, links van je voorbij: Mt. Everest, Makalu en Kanchenjunga zijn bij helder weer goed te zien en schuin voor je uit zie je de Bhutanese toppen waaronder o.a. Chomolhari en Tserim Kang. Dan zwenkt het toestel al dalend een aantal keren naar links en naar rechts over bosrijke bergkammen tot in de vallei van Paro. Ineens zie je meer huizen en landerijen en voor je uit de grote Dzong en het Museum van Paro.
De bus die ons opwacht bij het vliegveld brengt je meteen naar de hoofdstad Thimpu, dat ongeveer 1 uur rijden ligt van de luchthaven. De rest van de dag gebruiken we om wat rond te kijken in de meest autorustige hoofdstad van de wereld.

dag 3 en 4 Thimpu Tsechu
In het najaar wordt het kloosterfestival in Thimpu gehouden. Deze dagen kun je genieten van voorstellingen van gemaskerd dansende monniken. Zij beelden de strijd uit tussen goed en kwaad met dieren, mensen en goden. In grote getale is de bevolking uitgelopen om dit geweldige schouwspel gade te slaan. Om de Dzong heen is er een soort kermis met marktkramen en goktenten.

dag 5 Tigers’ Nest 3110 meter
Vandaag gaan we voor ’t eerst lekker op stap. We rijden eerst weer terug naar Paro en een half uurtje verder stoppen we op de parkeerplaats net voor de klim naar Bhutan’s bekendste klooster. Dan lopen we over een breed pad gestaag omhoog door het bos. Af en toe passeren we een heiligdommetje en we zien op uitzichtpunten het Taktsang klooster al liggen. Het is aangeplakt tegen een steile rotswand zo’n 1000 meter boven de dalbodem. Vanaf de parkeerplaats voor de bus is het voor ons een klim van ongeveer 600 meter, heerlijk om even de benen los te schudden. Vlak voor je bij het klooster bent sta je op een punt waarbij je er bovenop kijkt. Om helemaal bij het klooster te komen moet je langs een steile trap afdalen tot voorbij een waterval en dan weer iets omhoog tot de poort van het gebouw. Naast een aantal mooie ruimtes met beelden, thanka’s andere relieken wordt je gewezen op de plaats waar de mythische tijger op de uitkijk lag terwijl Guru Rinpoche in de grot aan het mediteren was. Afhankelijk van de tijd die we besteden in Tigers Nest zullen we halverwege de afdaling in het restaurantje lunchen of bij terugkomst in Paro. De rest van de dag is vrij te besteden.


dag 6 Naar Druyel Dzong en wandelen naar Shana (2866 meter, 4 uur lopen)
Vandaag beginnen we met de eigenlijke trektocht. De komende 32 dagen zullen we een van de mooiste trektochten op de wereld volgen langs een groot deel van de hoogste toppen van de Bhutanese Himalaya.
Eerst per busje naar het eind van de weg bij het vervallen Drugyel Dzong. Hier wachten de paarden en de paardenmannen. Alles wordt opgeladen en we gaan lopen. Voor de middag is de vallei open en we passeren dorpjes en landerijen. Na de lunch wordt het wat minder bewoond met nog maar hier en daar een eenzame boerderij. De kampeerplaats is ruim en vlak en kijkt uit op een besneeuwde top en aan de andere kant van de rivier ligt een klein dorpje met een paar huizen.

dag 7 Shana naar Thongo Samba (3256 meter, 4-5 uur lopen)
We betreden het woud. De paden worden nu smaller en over boomstronken en langs de rivier kronkelt het pad omhoog en omlaag. Het zonlicht wordt prachtig gefilterd door het veelkleurige (in de herfst) bladerdak. Nu en dan steken we de rivier over, over een brug. Als het heeft geregend veranderen de paden in ware modderpoelen. Ik moet er niet aan denken hier in het regenseizoen te moeten lopen. We slapen vanavond op een opengekapte plek midden in het bos. Het is wat werk om een goede plek te vinden voor de tenten. Wel een mooie plek voor een kampvuurtje. Het wordt nu we boven de 3000 meter zijn gekomen ’s avonds al wel koud.

dag 8 Thongo Samba naar Heysi Thanka (3750 meter, 4 uur lopen)
De ups en downs worden nu wat hoger en de wanden langs de rivier wat steiler. Het bos is prachtig en oer. Mossen, varens, omgevallen boomstammen, watervallen, rotsblokken, grotten, lianen en zwarte poelen. Daar waar de rivier een grote bocht maakt naar het noorden staat er op een stukje open veld een boeddhistisch bouwwerkje: een stupa. Het is de verbeelding van de kosmos met vierkanten en cirkels in verschillende lagen met allen hun eigen symboliek. Van hier heb je ook een mooie blik op de Chomolhari. Aan het eind van de wandeldag stijg je nog wel een paar honderd meter. Je passeert een legerkamp en een gebruikelijke kampeerplaats maar wij kiezen voor een iets hogere zodat de overgang naar 4000 meter morgen wat makkelijker is. We kamperen op een grote open plek waar je goed om je heen kunt kijken. Het blijkt dat de omringende bergen al veel hoger zijn dan waar je gisteren stond.

dag 9 Heysi Thanka naar Jangothang (4094 meter, 3 - 4 uur lopen)
We doen het rustig aan. Hier steeds hogerop in de vallei is wat meer bewoning. We komen door het kleine dorp Soe. Hier en daar wordt een huis gebouwd en er is ook al een klein schooltje waar we van harte welkom zijn om rond te kijken en foto`s te maken. De mensen zijn in de weer met yaks die hier in grote getale aanwezig zijn. Het pad loopt heel geleidelijk omhoog maar de hoogte ga je vandaag goed voelen. Het kamp is op de plaats bij de ruïne van een oude Dzong en bij een chörten (stupa). Je bent vlakbij de oostwand van de Chomolhari I die met z’n 7300 meter een dikke 3000 meter boven je uittorent. Hier wordt het ’s nachts al echt koud en zeker in het najaar moet je rekening houden met temperaturen van ver onder het vriespunt (-10ºC).

dag 10 Jangothang rustdag/acclimatiseren/excursie(s) (4094 meter)
Vandaag wordt het kiezen: luieren in het kamp: boekje lezen, de was doen en een beetje rondkruipen of een tocht in de omgeving maken. We kunnen er 2 aanbevelen. De eerste leidt je aan de overkant van de rivier naar 2 meren waarvandaan je een prachtig uitzicht hebt op de witte toppen van de Himalayaketen westelijk van je. De tweede tocht gaat naar een uitzichtpunt van misschien wel de spectaculairste berg in de omgeving: de Jichu Drake. Beide tochten duren ongeveer 4 uur en brengen je op een hoogte van ongeveer 4400 meter, een mooie extra acclimatisatie impuls.

dag 11 Jangothang-Lingshi over de Nyele La (4831 meter, 4005 meter, 6 u lopen)
Je zou kunnen zeggen dat tot hier de trek nog enigszins beschaafde trekken had: de kampeerplaatsen zijn goed verzorgd, de paden vertonen tekenen van onderhoud en er is enig verkeer. Je kunt zien dat er meer toeristen komen. Wanneer we Jangothang achter ons laten heb je het gevoel van de gebaande paden af te gaan. Het is ook een dag waarop we voor ’t eerst op deze reis een echte pas oversteken. Na 20 minuten steken we de brug over en begint een steile stijging van een 150-200 meter naar de volgende vallei. De wereld ligt er verlaten bij. Hier komen we in het gebeid waar de blauwschapen zich thuis voelen. We zien vast een of meerdere kuddes grazen tegen een bergwand. Het landschap wordt dramatischer met verre valleien en grazige en droge vlaktes beneden je. De rivier meandert door de valleibodem en het is her en der drassig. Na een tijdje heel geleidelijk omhoog te zijn gelopen zien we de pas voor ons opdoemen. Het is nog een flink stuk omhoog zigzaggend over zanderige paden. De kuddes yaks die hier soms naar beneden denderen zullen ongetwijfeld grote stofwolken veroorzaken. Op de top van de pas kan het hard waaien. Het is een trekgat waar de gebedsvlaggen van de stokken waaien. Als je terug kijkt zie je een fantastisch bergpanorama: op de voorgrond de Tserim Kang met direct daarachter de Jichu Drake en de twee toppen van de Chomolhari. De grens met Tibet is hier heel dichtbij, op een zeker punt niet meer dan 4 kilometer. Het brede pad slingert langs de kale bergwanden rustig naar beneden. Na een paar uur zie je de Dzong van Lingshi boven op een heuveltop. Lingshi is een behoorlijk dorp met een regiofunctie: er is een school en een hospitaaltje en er kan worden getelefoneerd. Wij kamperen ruim voor het dorp op een rustige plek aan de rivier met alleen maar mooie natuur om ons heen.

dag 12 Lingshi naar Chebisa (3868 meter, 4 uur lopen)
Dit is in principe niet een dag met grote hoogteverschillen. Dan eens een paar honderd meter omhoog en daarna weer omlaag. Qua conditie stelt het allemaal niet zoveel voor maar het is een heel interessante dag met name omdat we ook langs twee kleine maar hele authentieke dorpjes komen. Temidden van de uitgestrektheid van de prachtige bergwereld liggen verscholen in 2 afzonderlijke kleine zijvalleien de dorpjes Goyok en Chebisa. In dat laatste dorpje slaan we ons kamp op zodat we echt goed kunnen kennismaken met het dagelijks leven hier in deze uithoek van de wereld. De mensen zijn heel vriendelijk en open en je mag gewoon overal aan meedoen. Het is een paradijselijke plek zo lekker in de zon uit de wind en een glasheldere zilveren stroom slingert dwars door het dorp zo rechtstreeks van onder de waterval vandaan.

dag 13 Chebisa naar Shakyapasang (4184 meter, 4 - 5 uur lopen)
Als we Chebisa hebben verlaten beginnen we aan het meest verlaten deel van de trek. Het is nu 4 dagen lopen naar het eerst volgende dorp namelijk Laya. De natuur is overweldigend vooral doordat je bijna nergens ingrijpen van de mens ziet. Eindeloze valleien en zijvalleien. In de dalen bedekt met oerbossen en hogerop zie je de glinsterende stroompjes naar beneden slingeren, soms onderbroken door een rechte streep van een waterval. Zigzag omhoog gaat het naar een hooggelegen pad dat uiteindelijk op het hoogste punt de Gombu La over een kam leidt. Geleidelijk aan dalen we weer af in de grote vallei met aan het eind sneeuwtoppen en zwarte rotswanden waar de watervallen vanaf springen.

dag 14 Shakyapasang via Jare La naar Robluthang (4705 meter, 4150 meter, 6 uur lopen)
Vanaf de lage kampeerplaats in het dal met de meanderende rivier klimmen we weer een paar honderd meter omhoog. Vervolgens contouren we over plateautjes en langs rotswanden in een paar uur naar de volgende pas, de Jare La. Vanaf de Jare La zie je dat de achterliggende bergen als Jichu Drake steeds verder weg raken terwijl nieuwe hoge toppen dichterbij komen. De meest opvallende zijn de Great Tiger Mountain en de Masagang. Na de Jare La dalen we trapsgewijs weer af tot aan de rivier. Hier staan soms nog wat geïmproviseerde tenten van nomaden voor wie het een goed gebied is om de yaks te laten grazen. Onze kampeerplaats ligt op een mooi uitzichtpunt tussen de rotsen iets verder en weer wat hoger aan de overkant van de rivier. Dat maakt het makkelijker voor morgen als we de hoogste pas op het traject oversteken.

dag 15 Robluthang naar Limithang (pas: 5003 meter, 4139 meter, 6 uur lopen)
Dit is een echte topdag op deze trektocht. Het gebied is hoog en verlaten en de kans op het zien van blauwschapen is groot. De dalbodem is bedekt met natte grasbobbels terwijl de flanken van de bergen vrij droog zijn met weinig vegetatie. Hier en daar verwijdt het dal zich zodat er grote vlakke plaatsen ontstaan met prachtige rotsformaties en watervallen. Het laatste stuk naar de pas is vrij steil zoals gewoonlijk maar nergens is het echt moeilijk of technisch. Lange stuken loop je nu op hoogte met steeds die overweldigende uitzichten op de Himalaya die zich links en voor je uitstrekt tot aan de verre horizon. Als je ergens een gevoel van ruimte wil beleven dan is het hier wel. Langzaam maar zeker dalen we weer af in de volgende vallei en we kamperen op een spectaculair mooie plek dichtbij de voet van de Great Tiger Mountain, daar waar de bossen weer beginnen.

dag 16 Limithang naar Laya (3819 meter, 3-4 uur lopen)
Vandaag lopen we door prachtige bossen naar het grote dorp Laya. Eigenlijk is het een verzameling van klein kernen van 5 tot 20 huizen. Het pad gaat omhoog en omlaag en we kamperen uiteindelijk ergens midden in de bewoning achter een boerderij. We maken kamp voor de lunch zodat je de hele middag in het dorp kunt ronddwalen om het kloostertje te bekijken of het schooltje of zomaar wat mensen te ontmoeten en te kijken hoe het leven zich hier afspeelt. Overal lopen yaks rond en de mensen zijn erg toegankelijk en open en ze laten zich graag fotograferen.
Laya is een bewoond gebied met een aantal dorpskernen. Er is een schooltje en een klooster en er zijn prachtige middagwandelingen te maken. Maar het leukst is het om het gewone dorpsleven eens rustig te bekijken. Het contact met de mooie open mensen is makkelijk en direct. Wat hebben zij een andere kijk op de wereld dan wij (letterlijk).

dag 17 Laya naar Kulu Khar, 3760 m, 6 uur
Om goed geakklimatiseerd naar de Lunana vallei te gaan, maken we een zijtrip naar Masagang base camp. We kamperen dan nog twee nachten rond de 4000 meter en dat moet waarborgen dat we de hoge passen en kampeerplaatsen verderop zonder noemenswaardige problemen aankunnen.
Vanaf Laya contouren we langs de bergwanden naar het noorden. We steken de rivier uit het noorden over (200 meter afdalen en 300 meter weer stijgen) en op de andere kant van het dal ligt het dorp Lungo. Hier komt bijna nooit een toerist en ook wij zijn een bezienswaardigheid. Er is hier ook een klein klooster en een schooltje. We lopen vandaag weer niet te lang zodat ook in dit dorp lekker kunnen rondscharrelen. Het pad gaat verder langs de berg wand en na verloop van tijd krijgen we machtige witte kammen van Masagang en Tsendaygang te zien.

dag 18 Kulu Khar naar Nulithang, 4050 m, 3 uur
Voor de middag lopen we naar de volgende kampeerplaats Nulithang. Van hieruit hebben we na de lunch een aantal mogelijkheden om de omgeving verder te verkennen. Er zijn verschillende prachtige uitzichtspunten en halve dagtochten om Masagang en Tsendaygang van heel dichtbij te bewonderen.

dag 19 Nulithang uitstapje Masagang BC of rust om te acclimatiseren
Een prachtige dag om de omgeving verder te verkennen. We zullen vast een stuk de berg oplopen voor de beste uitzichten op de mooie vormen van de omringende bergen. Wie behoefte heeft aan een echte rustdag blijft lekker op de kampeerplaats. Lezen, schrijven, de was doen of gewoon helemaal niets.

dag 20 Nulithang naar Take Hangkar, 3480 m, 5 uur
Terug naar Take Hangkar via een andere route als op de heenweg. Voorbereiding om de lange trek door de Lunanavallei goed te kunnen voltooien. Het eerstvolgende dorp in de Lunana vallei komen we pas over 4 tegen en pas over 12 dagen zullen we weer lager komen dan nu. Wees voorbereid op ruigere condities dan je tot nu toe hebt meegemaakt.

dag 21 Take Hangkar naar Rodophu, 4215 m, 6 uur
Dit is de eerste etappe naar de Lunanavallei. We winnen alleen aan hoogte en dalen niet af. Het pad loopt door weelderige bossen langs steile rotswanden. Regelmatig zijn er ups en downs. Soms verbreedt het dal zich wat zodat er wat weidegronden zijn ontstaan. In het goede seizoen komen de Layaps (inwoners van Laya) hier met hun kuddes yaks. Er staan hier en daar ook wat herdershutjes. Vanaf de kampplaats is de meer dan 7000 meter hoge Tsenda Gang zichtbaar. Wil je meer besneeuwde toppen zien dan moet je na de thee nog even verder omhoog een heuvel opklimmen.

dag 22 Rodophu naar Narethang via Tsemo La 4905 m-4940 m, 7 uur
De komende twee dagen steken we twee bergruggen over voordat we in de Lunanavallei kunnen afdalen. Trapsgewijs stijgen we vandaag boven de boomgrens uit. Eerst passeren we nog wat lage rododendronstruiken maar dan wordt het steeds kaler. Op de vlakkere delen is het pad soms erg zompig. Langs een gebiedje met rotsblokken komen we nu in open stuk vanwaar we de pas al kunnen zien. Het is dan nog een steil stukje omhoog naar de gebedsvlaggen en steenmannen die op de pas staan. Vanaf de pas heb je als je de heuvel opklimt een fantastisch uitzicht, zowel naar het westen (Chomolhari en Jichu Drake) als naar het oosten: de Lunanavallei en de grote pieken aan de grens met Tibet. Je komt na een korte afdaling in een grote hooggelegenvallei en hier is de kampplaats voor deze nacht op 4905 meter. Je slaat je tent op vlak bij een 6300 meter hoge top en het kan er ’s nachts erg koud zijn. Na 8 nachten tussen de 3400 meter en 4200 meter moet het qua hoogte geen probleem meer zijn om hier te kunnen slapen.

dag 23 Narethang naar Tarina over de Karchung La 3940 m 7½ uur
Een niet te grote stijging brengt je in ongeveer 1,5 uur naar de volgende pas (Karchung La, 5020 m). Je kunt nu prachtig de diepte inkijken naar het dal van Tarina. De inspanningen van de afgelopen dagen worden nu beloond: beneden je liggen 3 prachtig donker blauwe meertjes met daarachter de blinkende pieken van de noordelijke bergketens waaronder de Teri Kang. Zilveren slierten van gletsjerstromen meanderen door de verschillende dalen en komen samen om een rivier te vormen. Deze rivier is de eerste tak van de grote rivier, die zuidwaarts stroomt om bij Punakha als de Po Chu weer samen te stromen met de Mo Chu.
Tot hier mogen de herders van Laya hun yaks hoeden. Na de pas behoren de graasgebieden toe aan de Lunaps van Lunana. De afdaling is lang en soms steil. Naar beneden toe is er steeds meer modder. Eenmaal beneden is het relatief vlak lopen over de bodem van een diepe vallei en in een uur of 3 bereiken we de kampeerplaats Tarina. Het is een mooie open plek in het bos.

dag 24 Tarina naar upper Woche 4165 m 4-5½ uur
Er staat vandaag geen pas op het programma en het is een relatief lichte wandeldag. We lopen langs de rivier een beetje omhoog en in het bos mag je wat modder op het pad verwachten. Hier en daar passeren we een aardverschuiving waar je goed moet opletten i.v.m. steenslag. Woche is het eerste dorpje in Lunana en de eerste permanent bewoonde plek na Laya. De mensen in dit dorp vinden het niet zo goed als er een grote kudde vreemde yaks op hun land komt grazen. Dat is begrijpelijk want het leven hier is hard en de middelen van bestaan schaars; dus we lopen gewoon door naar een plek waar het rustig is en geen kwaad kan. Na de lunch stijgen we nog een stukje steil in noordelijke richting over een kammetje. De geleidelijke afdaling brengt je bij de mooie kampeerplaats net aan de overkant van de rivier.

dag 25 Woche naar Lhedi over de Keche La, 3900 m - 4650 m, 5 uur
We steken de bergrug over die de 2 grote rivieren van Lunana scheidt. Het pad loopt langzaam omhoog en vlak voor de pas passeer je een prachtig langwerpig groen bergmeer. Op de pas heb je een mooi uitzicht op de tegenoverliggende bergketen met toppen tot 6000 meter hoog. De afdaling is steil en breng je naar de bodem van de vallei. Hier liggen verspreid ook een paar huizen. Even verderop ligt een “echt” dorp, Tega, dat goed en welvarend uitziet. Mooie landerijen omgeven het dorp. Dit is het begin van het vlakke stuk van de Lunanavallei waarin een 15-tal dorpjes ligt. We komen ook weer beneden de boomgrens. De uitzichten zijn weer fenomenaal richting het noordoosten in de richting van Lhedi en de grote Table Mountain, met zijn ogenschijnlijk vlakke witte topgraat. We dalen nog verder af tot aan de rivier, de oostelijke Pho Chu. Na het oversteken van de brug is het weer een steil stukje omhoog naar het dorp Lhedi.

dag 26 Lhedi naar Thanza 4100 m 3-4 uur
Vandaag is het niet zover lopen. We doen het rustig aan en hebben tijd om goed rond te neuzen in de diverse dorpjes waar we doorheen komen. Bovendien zijn voortdurend de uitzichten geweldig. Veel gletsjers stromen van de dichtbij gelegen toppen af de vallei in. In het dorp Chozo staat nog een oude Dzong die nog deels in gebruik is als bestuurlijk centrum van Lunana. Chozo ligt tegen een groene morenehelling aan en daarachter rijst de 7000 meter hoge Table Mountain op. We maken kamp in Chozo of in Thanza.

dag 27 Thanza verblijf 4100 m
Als alles goed gaat dan hebben we nu een rustdag boven in één van de meest afgelegen valleien ter wereld. In het dorp kun je getuige zijn van een eeuwenoude manier van leven in een voor mensen ongastvrije omgeving. We zin heeft kan een stuk gaan wandelen in de omgeving of dankbaar gebruik maken van de mogelijkheid om even alles schoon te wassen en weer op orde te brengen.

dag 28 Thanza naar Dangey 4 uur lopen
Vanaf het dorp klimt een pad langzaam weer omhoog het dal uit. Na een uurtje heb je een prachtig uitzicht terug op het dal en op de daarachterliggende hoge toppen van de Himalaya. Het pad draait een zijvallei in, passeert een mooie waterval en stijgt geleidelijk verder.

dag 29 Dangey naar Tsorim 5 uur
Morgen steken we een hoge pas over en om die dag zo makkelijk mogelijk te maken kamperen we zo hoog mogelijk in een vallei die Tsorim heet.

dag 30 Tsorim naar Geche Woma/Saram 5 uur
Vandaag verlaten we het Lunana gebied. We vertrekken vroeg vanaf de kampplaats: we hebben een lange en mooie dag vóór ons, tenminste als het weer meezit. Over heuvels en langs een blauwgroen meer stijgen we in ongeveer 3 uur naar de Gophu La. Deze pas is breed en weids en zoals op zoveel passen in de Himalaya zijn er steenmannen en veel gebedsvlaggen. Over de pas kijken we in een klein tussen dal naar beneden waar een aantal meertjes liggen. Het pad loopt tussen de meertjes door en we beklimmen de volgende pas in dit ruige terrein. Onderweg heb je zicht op een mooie spletenrijke gletsjer. Bovenop de tweede pas die even hoog is als de Gophu La krijg je de 7550 meter hoge Gangar Punsum in beeld. Het is dan nog een afdaling over morenen naar het kamp Geche Woma. Dit is een ruime open plek met gras.

dag 31 uitstapje naar Gangkar Punsum Base Camp
We verkennen de vallei die ons dichtbij deze hoogste berg van Bhutan brengt. In Bhutan is op dit moment al het bergbeklimmen verboden. Dat komt doordat er na een aantal beklimmingen in het verleden het erg slecht weer was geweest waardoor de gewassen op het veld waren vernield. De dorpelingen dachten dat dat kwam omdat de berggeesten boos waren vanwege de verstoorde rust. Daarop is er een algeheel verbod op het beklimmen van bergen ingevoerd.

dag 32 Saram (4900 m) naar Minchugang (4100 m), 6 uur lopen
De hele dag lopen we gestaag omlaag. De rivier is onze leidraad. Verschillende zijriviertjes steken we over dus: waterschoenen aan! De uitzichten op de spitse pieken vergezellen ons de hele dag. In het tweede deel, wat lager gelegen vinden we herdershutten die in de zomer worden bewoond door yakherders. Met het blauwschaap in de buurt is dit ook een gebied met sneeuwluipaarden (die we zelf zeer waarschijnlijk niet zien, maar misschien wel een pootafdruk ervan of uitwerpselen). Sommige stukjes zijn moerasachtig en we springen dan van steen naar steen om de boel droog te houden.

dag 33 Minchugang (4100 m) naar Warthang (4450 m) over 3 passen
(± 4600 m - 4800 m)
Ook dit is een vrij pittige dag met 3 passen: de Phodrang La (4610 meter), de Saga La (4820 meter) en de Warthang La (4775 meter). De hoogteverschillen per pas zijn niet zo heel groot maar het geheel speelt zich wel af rond de 4500 meter. De paden zijn niet altijd even gemakkelijk, soms steil, soms stenig. We hebben natuurlijk wel de hele dag waanzinnige uitzichten en hier en daar passeren we een bergmeer en ook wel primitieve herdershutten. Misschien zien we hier wel de bekende schapen (of geiten) van de Himalaya: het blauwschaap (dat overigens grijs is). Na als laatste nog een stijging van ongeveer 1 uur komen we aan in het kamp dat gelegen is in uitgestrekte yakweiden en in een mooie halve cirkel van rotsformaties.

dag 34 Warthang (4450 m) naar Dur Tsachu (3300 m) (via Nephu La 4500 meter), 6 uur lopen
Vandaag merken we voor ’t eerst sinds lange tijd dat we het hele hoge gebied aan het verlaten zijn. Het is maar een uurtje naar de Nephu la en vandaar begint de afdaling, eerst door rododendronstruiken, wat later overgaand in naald- en loofbossen. Dan volgt een stuk steil naar beneden. Als het weer meewerkt, hebben we hier mooie uitzichten noordwaarts op de Gankar Punsum (7540 meter). Na een korte klim zijn we op een volgende pas waarna we definitief kunnen afdalen naar het volgende kamp, dat 1000 meter lager ligt op 3300 meter. In Dur Tsachu kunnen we de vermoeide spieren en pijnlijke botten heerlijk verwennen in het bad van de warme bronnen.
Dit was de laatste etappe met yaks als lastdieren. In Dur Tsachu wachten de paardenmannen uit de Bumthangvallei ons op om ons het laatste stuk van de trek te begeleiden.

dag 35 Dur Tsachu (3300 m) naar Tsochenchen (3920 m), 6-7 uur lopen
Vandaag de laatste stevige klim van zo’n 1000 hoogtemeters. We stijgen door hellingen met dichte bossen omhoog tot een pas van ongeveer 4300 meter hoog, de Gongte La. Na een kleine afdaling komen we bij een flink meer dat op ongeveer 4200 meter ligt. Daarna stijgen we nog eens 350 meter naar de laatste pas op deze tocht, de Juli La. In de diepte zie je al de dalbodem waar ons kamp ligt. Op weg naar beneden passeren we nog een meertje waarvan men gelooft dat we hier in stilte aan voorbij moeten lopen. Anders brengt het ongeluk. We kamperen op een mooie grote open plek in de bossen.

dag 36 Tsochenchen naar Gursuem (3100 m) 6 uur lopen
Globaal genomen loopt het pad door dikke bamboe- en rododendronbossen geleidelijk omlaag. Het wordt nu ook warmer. We passeren veel bruggetjes over zijbeken van de hoofdrivier die worden gevoed door meertjes die hoger liggen. De gids zal ons hier wel waarschuwen dat we niet alleen moeten gaan lopen vanwege het gevaar van beren op het pad. Naarmate we lager komen wordt het pad ook steeds modderiger en soms is het helemaal kapot gestampt door de voorbijtrekkende paardenkaravanen. Kampeerplaats op een open plek met uitzicht op de vallei naar beneden.

dag 37 Gursuem naar Bumthang (2500 m), 3 uur lopen, 1 uur bus
De bossen zijn overweldigend in de herfst. De mooiste kleuren weerkaatsen door het zonlicht van felgroen en geel tot alle kleuren bruin, oranje en rood. Na een uurtje komen we weer de eerste tekenen tegen van menselijke beschaving: gevelde bomen waar balken en planken van worden gezaagd. Even verderop het eerste huis en dan staan we na 8 dagen zomaar weer ineens in een klein dorpje. Hier begint zelfs weer een weg. Na ruim 3 weken doorgebracht te hebben in de stilte van de natuur is het je even vreemd als je in de bus stapt. We nemen niet alleen afscheid van paarden en paardenmannen, van gidsen en kok, maar ook van een manier van leven die wij hier allang zijn verleerd en vergeten. We verlangen naar een ware douche die er deze dag ook zal zijn maar er zal ook weemoed zijn om het achterlaten van de wonderlijke en paradijselijke wereld die Bhutan heet.

Dag 38 en 39 Bumthang festival Jambay Lakhang en sightseeing
Deze dagen is er een kloosterfestival in Jambay Lakhang. De liefhebber kan hier zich vergapen aan al het moois dat zo’n festival biedt. De mensen kleden zich feestelijk en iedereen is vrolijk. Er zijn rijdansen van vrouwen, maskerdansen van monniken en op het buitenterrein is er een soort kermis met kraampjes en vermaak.

Dag 40 festival Prakar en Trongsa
Vandaag alweer op de terugweg. Gelukkig duurt het rijden niet lang en kunnen we onderweg nog genieten van het kleinere festival van Prakar. In de middag kunnen we in Trongsa nog een bezoek brengen aan de fantastische Dzong met z’n vele binnenpleintjes en heilige gebouwen en tempels. Mooi uitzicht ook het groene omringende landschap en de rivier in de diepe canyon beneden.

Dag 41 Trongsa naar Thimpu
Een lange rijdag over passen en door dichte bossen met watervallen en bijzonder dorpjes en stadjes. ’s Avonds is het dan lekker aankomen in een lekker hotel in de hoofdstad Thimpu.

dag 42 Thimpu-Paro-Delhi
’s Morgens bij tijds op. De bus staat klaar om je in ongeveer 1 uur naar het vliegveld in Paro te rijden. De geplande vertrek tijd is ‘s morgens. Na het opstijgen glijden de Himalayareuzen van Bhutan en Oost Nepal weer aan je voorbij. Je laat nu de Himalaya achter je en de trektocht in Bhutan wordt weer een droom waar je nog vaak aan zal terugdenken. In Delhi is het dan nog lang wachten voordat je kunt instappen op de vlucht naar Amsterdam.

dag 43 Delhi-Amsterdam
Net na middernacht stijg je op en 8-9 uur later land je op Schiphol, waar het dan net dag begint te worden.

Bookmark and Share
HT Wandelreizen
HT Wandelreizen | Noordeinde 4A | 7941 AT Meppel | tel. 0522-241146 | fax 0522-247711 | email: info@htwandelreizen.nl
Website door Zaphyrion